De hand verdwijnt niet
Meubels worden vaak zo afgewerkt dat kleine aarzelingen van de maker verdwijnen. Maarten Baas’ Clay-familie houdt het modelleren juist zichtbaar. De studio beschrijft industriële klei op een stalen frame, waarbij handafdrukken en onregelmatige oppervlakken bij het resultaat horen.1
Dit meubilair lijkt nog iets van zijn ontdekking te bewaren. Een licht dwalende contour kan een stoel of lamp minder afstandelijk maken dan een onberispelijk model. Het bruikbare voorwerp en het expressieve gebaar delen dezelfde ruimte; het oppervlak laat je de bewegende hand voorstellen.
Een skelet onder de modellering
Het woord klei doet aan aardewerk denken, maar deze familie wordt niet in een oven gebakken. Het museum in Montreal registreert een vloerventilator uit Clay Furniture, gedateerd 2006, met onder meer synthetische klei en metaal en Baas & den Herder als producent.2
De verborgen steun maakt het zichtbare effect mogelijk. Een metalen skelet draagt een geboetseerde bekleding, zodat de buitenkant een geïmproviseerd karakter kan houden. Het oppervlak kan zoekend ogen terwijl het voorwerp een georganiseerd maakproces volgt. De foto en die speelse verschijning zeggen niet hoe een ongecontroleerd exemplaar bij gebruik presteert.

Herhaling houdt ruimte voor een mens
Het Groninger Museum plaatst Clay Furniture in een museumcollectie en beschrijft tegelijk het handmodelleren.3 Een familiegelijkenis kan dus samengaan met verschillen per stuk. Niet ieder klein spoor hoeft identiek te worden.
Baas’ latere materiaalversies hebben eigen productiegeschiedenissen. Bij de synthetische klei is het belangrijkste idee al aan de buitenkant zichtbaar: een voorwerp afmaken hoeft niet te betekenen dat het onaangeraakt oogt. Sporen van het maken kunnen precies zijn wat je nog eens laat kijken.
